Menustructuur PLS

  1. Bestand
    1. Kaarten invoeren/bewerken
    2. Projecten
      1. Projecten exporteren en importeren
      2. Projectinstellingen
      3. Reorganiseren
    3. Selecteren
    4. Manipuleren
    5. Kaarten
    6. Afdrukken
  2. Bewerken
  3. Hulpfuncties
    1. Backup en restore
    2. Systeeminstellingen
    3. Tabellen
  4. Venster
  5. Help
De hyperlinks in de onderstaande tekst verwijzen naar de bijbehorende PLS-vensters. Gebruik de Terug-toets van de browser om terug te gaan naar de tekst.

1. Bestand

1.1 Kaarten invoeren/bewerken

Met behulp van menu-optie Bestand kunt u (met de eerste sectie) alle handelingen verrichten, die met de kaart te maken hebben, bijvoorbeeld kaarten invoeren, opvragen en bewerken, kaarten in het Archiefbestand plaatsen, etc.

Up


1.2 Projecten

Met het menu-optie Bestand;Projecten (de tweede sectie) verricht u alle handelingen die met projecten te maken hebben, zoals het maken van een project, het kiezen of instellen, kopiëren, exporteren, importeren van projecten, etc.
In PLS werkt u in principe met projecten. Een project omvat vier bij elkaar horende bestanden, namelijk een Hoofd-bestand (Hoofdbak), een Archief-bestand, een Tabellen-bestand en een Index-bestand. In de Hoofdbak worden alle ingevoerde kaarten bewaard. In het Archiefbestand worden alle gearchiveerde kaarten bewaard; doorgaans is het Archief leeg. In PLS bezit elk veld een tabel, bijvoorbeeld een auteurstabel voor het auteursveld of een trefwoordentabel voor het trefwoordenveld. Al deze tabellen worden bewaard in het Tabellenbestand. In het vierde projectbestand, namelijk het Indexbestand, worden de namen van de selectiebestanden bewaard. Selectiebestanden kunnen gemaakt worden door een selectie uit de Hoofdbak of uit een selectiebestand.

Up


1.2.1 Projecten exporteren en importeren

Met menu-optie Bestand;Projecten;Exporteren kunt u projecten inclusief de projectinstellingen uitvoeren naar een extern transportmedium (bijvoorbeeld diskette). De exportbestanden kunnen worden gebruikt als PLS-importbestanden op een andere computer. De optie Exporteren is identiek aan de menu-optie Hulpfuncties;Backup. De tegenhanger van optie Exporteren is optie Importeren.

Met optie Importeren kunt u projecten inclusief de projectinstellingen in PLS invoeren. De optie Importeren wijkt op twee belangrijke punten af van de overeenkomstige optie Restore. Het is namelijk mogelijk tijdens het importeren van een project de projectnaam te veranderen. Dit kan van belang zijn wanneer twee projecten, die inhoudelijk verschillen, dezelfde projectnaam bezitten. Een tweede verschil met de optie Restore is dat met optie Importeren een backup van PLS-versie 4.1 kan worden ingevoerd. Wanneer u de DOS-versie 4.1 van PLS bezit, dan dient u te beginnen met het importeren van alle projecten met behulp van deze optie.

Up


1.2.2 Projectinstellingen

Met menu-optie Bestand;Projecten;Projectinstellingen kunt een een groot aantal projectinstellingen instellen. Op de eerste tab Velden en Tabellen van deze optie kunt u bepalen welke velden wel en welke velden niet meedoen. Advies: zet alle velden uit die u niet gebruikt. PLS biedt de mogelijkheid de bij een veld horende tabel automatisch op te bouwen tijdens het proces van kaarten invoeren en bewerken. Hier kunt u de automatische tabelopbouw van elk veld instellen. Met de tweede tab Codevelden kunt u voor de codevelden Rubriek, Categorie en Soort drie zaken instellen: (1) invoer al dan niet automatisch omzetten in hoofdletters; (2) invoer alleen accepteren als code in bijbehorende (code-)tabel voorkomt; (3) alfabetische of alfanumerieke volgorde van tabel. Met de derde tab Invoerwaarden kunt u zich veel typewerk besparen. Deze optie stelt u in staat aan een aantal velden een vooringestelde waarde mee te geven. Telkens wanneer u een volgende kaart wilt invoeren, staan deze waarde reeds ingevuld. Ook is het mogelijk een proforma kaart op te geven met alle gewenste velden reeds ingevuld of op te geven dat telkens de veldwaarden van de laatst ingevulde kaart mee gekopieerd moeten worden naar de nieuw in te voeren kaart. Op deze wijze hoeft u de kaart alleen maar op die plaatsen aan te passen waar hij afwijkt van de vorige kaart. Op de laatste tab Diversen van de optie projectinstellingen kunt u o.a. de vier vrije velden een zelfgekozen veldnaam geven; bepalen met welk project PLS (de volgende) keer moet opstarten; de logfunctie van het woordenregister aan of uit zetten (van belang voor het selecteren van kaarten met behulp van het woordenregister); het lettertype van de Appendix bepalen (Courier (niet-proportioneel) of Arial (proportioneel)) hetgeen van belang kan zijn bij de indeling van de Appendix; het automatisch tonen van Opmaakwerkbalk (voor vet, cursief, ondersteept, etc.) bij het bewerken van de Appendix.

Up


1.2.3 Reorganiseren

Met de laatste menu-opie Reorganiseren van het menu Bestand;Projecten kunt u uw projectbestanden en de systeembestanden reorganiseren. Met reorganiseren worden de bestanden (opnieuw) weer efficiënt ingericht. U kunt reorganiseren eventueel gebruiken om een in het ongerede geraakt bestand te herstellen.

Up



1.3 Selecteren

Met menu-optie Bestand;Selecteren vindt u elke kaart feilloos terug. Met de uitgebreide selectiefaciliteit kunt u op grond van (een combinatie van) zoekcriteria elke relevante titel opsporen. U kunt met PLS elke, willekeurige of systematische selectie van kaarten uit de Hoofdbak samenstellen en hiervan een selectiebestand maken, bijvoorbeeld met het doel hiervan een (literatuur-)lijst uit te printen. Deze optie is direct bereikbaar via het zoeklamp-icoontje op de PLS-werkbalk.

Up


1.4 Manipuleren

Met menu-optie Bestand;Manipuleren is er een zeer uitgebreide faciliteit voorhanden om met selectiebestanden te manipuleren. Zo kunt u o.a. twee selectiebestanden bij elkaar voegen, van twee selectiebestanden alle gemeenschappelijke kaarten selecteren (doorsnede bepalen) of een selectiebestand volgens een bepaald criterium sorteren (bijvoorbeeld op auteur of elk ander veld) en bewaren.

Up


1.5 Kaarten

De menu-optie Bestand;Kaarten bestaat uit drie secties. De eerste sectie (menu-optie Bestand;Kaarten;Automatisch verbeteren) betreft de bijzonder krachtige faciliteit Automatisch verbeteren. Hiermee kunt u op automatische wijze in één keer allerlei veranderingen in uw bestanden aanbrengen. Zo bezit deze optie een zoek en vervang-functie (Verander tekst), maar ook is het mogelijk teksten (i.c. de inhoud van velden) van het ene veld naar het andere veld te verplaatsen of te kopiëren. Ook kunt u velden bijvoorbeeld omzetten in hoofdletters of omgekeerd in kleine letters.

Met de tweede sectie kunt u kaarten downloaden en uploaden. Met downloaden kunt u de PLS-bestanden uitvoeren naar tekstbestanden (inclusief de afbeeldingen en het geluid). Met uploaden kunt u reeds in bestandsvorm aanwezige teksten (bijvoorbeeld literatuurgegevens) automatisch in PLS invoeren zonder ze opnieuw in te typen.

Met de derde sectie kunt u kaarten uit een ander PLS-bestand toevoegen aan het hoofdbestand (Importeren) en met behulp van de optie Vervangen is het mogelijk kaarten van de Hoofdbak te vernieuwen aan de hand van kaarten uit een (selectie-)bestand (updaten).

Up


1.6 Afdrukken

Met menu-optie Bestand;Afdrukken kunt u allerlei (print-)producties verzorgen. U heeft hierbij de keuze de afdruk eerst op het scherm te bekijken (previewen) alvorens hem af te drukken. Ook is het mogelijk de printproductie met de PLS-opmaakcodes naar een tekstbestand te sturen met het doel het tekstbestand in te lezen in een tekstverwerker (zowel MS Word als WordPerfect (voor DOS en Windows). In de tekstverwerker kunt u dan een macro aanroepen die de (PLS-)opmaakcodes omzet in opmaakcodes van de gebruikte tekstverwerker.

Zo kunt u met één druk op de knop een trefwoordenlijst maken. Ook kunt u literatuurlijsten produceren aan de hand van zelf gemaakte formats en deze lijsten naar keuze printen of overhevelen naar een tekstverwerker. Bovendien kunt u met PLS literatuurlijsten produceren, die geschikt zijn voor directe publicatie op het Internet (HTML-bestanden met HTML-opmaakcodes).

Een belangrijke faciliteit bij het overhevelen van de inhoud van PLS-velden naar een tekstverwerker vormt de optie Samenvoegbestand (zie menu-optie Bestand;Afdrukken;Samenvoegbestand). Hiermee is het mogelijk alle informatie uit de PLS-velden naadloos over te halen naar een tekstverwerker ten behoeve van het maken van overzichten met een zelfgemaakte lay-out. U kunt hierbij naast de meest gebruikelijke formats (zoals Type delimited of CSV) ook uw eigen format instellen.

Met menu-optie Bestand;Printerinstellingen kunt u de globale printinstellingen doorvoeren welke dan als standaardinstellingen voor elke (volgende) printproductie reeds staan ingesteld.

Up



2 Bewerken

Onder de tweede menu-optie Bewerken treft u de gebruikelijke Windows clipboard-functionaliteit aan, zoals Knippen, Kopiëren en Plakken.

Up



3 Hulpfuncties

3.1 Backup en restore

De derde menu-optie Hulpfuncties herbergt allerlei nuttige hulpfuncties. Zo kunt u met menu-optie Hulpfuncties;Backup een backup (een reservekopie) van uw PLS-projectbestanden op een ander medium (bijvoorbeeld disk(-ette) of netwerkschijf) aanmaken en met menu-optie Hulpfuncties;Restore kunt u de PLS-backupbestanden terughalen (herstellen of "restoren"). Deze optie is direct bereikbaar via het diskette-icoontje op de PLS-werkbalk.

Up


3.2 Systeeminstellingen

Met de optie Systeeminstellingen kunt u een aantal systeeminstellingen regelen. Hier stelt u o.a. in met welk standaardscherm PLS moet opstarten en of PLS een wachtwoord krijgt ter beveiliging van de toegang tot PLS.

Up


3.3 Tabellen

Met de menu-optie Hulpfuncties;Tabellen kunnen de tabellen worden bewerkt. U kunt de tabellen handmatig vullen/bewerken, maar ook is het mogelijk de tabellen op automatische wijze te vullen (vanuit de PLS-velden), dan wel te legen.

Up



4 Venster

Onder de vierde menu-optie Venster treft u een lijst aan van alle vensters die op enig moment al dan niet aktief zijn. Voor het aktieve venster (het venster dat de focus heeft) staat een vinkje. Door op een niet-aktief venster uit de lijst te klikken krijgt dat venster opnieuw de focus.

Up



5 Help

De vijfde menu-optie Help betreft een uitgebreide helpfunctie. Hier kunt u op systematisch wijze informatie verkrijgen over het gebruik van PLS. De helpfunctie bevat een Index van alle mogelijke onderwerpen. Bovendien biedt PLS context-gevoelige hulp. In elke situatie staat u de helptoets (F1-toets) ter beschikking, welke u de noodzakelijke informatie verschaft over het op dat moment correcte gebruik van PLS. Ook kunt u alle helpteksten systematisch doorzoeken met behulp van de Zoek-optie. Met een full-text zoekterm vindt u alle helpteksten met betrekking tot een bepaald onderwerp feilloos terug.

Up


Redacteur: Jenny Heukels
Tel. +31 (0)71-5790987; E-mail