Hiermee kunt u velden aan en uit zetten en de automatische Tabelopbouw tijdens het proces van kaarten invoeren/bewerken aan of uit zetten.
Figuur 2. De tweede tab Codevelden van Projectinstellingen.
Met de tweede tab Codevelden kunt u voor de codevelden Rubriek, Categorie en Soort drie zaken instellen: (1) invoer al dan niet automatisch omzetten in hoofdletters; (2) invoer alleen accepteren als code in bijbehorende (code-)tabel voorkomt; (3) alfabetische of alfanumerieke volgorde van tabel.
Figuur 3. De derde tab Invoerwaarden van Projectinstellingen.
Met de derde tab Invoerwaarden kunt u allerlei invoerwaarden opgeven die tijdens het proces van invoeren van kaarten automatisch naar een nieuwe kaart worden gecopieerd.
Figuur 4. De vierde tab Diversen van Projectinstellingen.
Met de vierde tab Diversen kunt u o.a. de vier vrije velden een zelfgekozen veldnaam geven; bepalen met welk project PLS (de volgende) keer moet opstarten; de logfunctie van het woordenregister aan of uit zetten (van belang voor het selecteren van kaarten met behulp van het woordenregister); het lettertype van de Appendix bepalen (Courier (niet-proportioneel) of Arial (proportioneel)) hetgeen van belang kan zijn bij de indeling van de Appendix; het automatisch tonen van Opmaakwerkbalk (voor vet, cursief, ondersteept, etc.) bij het bewerken van de Appendix.